Vanguard: Herstel op twee manieren

22 Jun 2020

De economische gevolgen van de covid-19 pandemie behoren tot de meest ontwrichtende in ons leven – nooit eerder kwam zoiets op deze schaal voor. Toch kan het herstel eerder beginnen dan bij andere recessies, aldus Joe Davis, global chief economist bij Vanguard.

Kunnen we het huidige economische klimaat vergelijken met eerdere recessies? Ik denk het niet. De schok voor de economische groei en de werkgelegenheid is bijzonder groot, en de inspanningen om de pandemie in te dammen, zijn enorm. Daartegenover lijkt zelfs de wereldwijde financiële crisis van 2008 onbeduidend.

Ook met de Grote Depressie lopen de vergelijkingen mank; de economische schok duurde toen vier jaar. In plaats daarvan zou ik deze periode eerder de ‘Grote Val’ willen noemen. De schok is enorm, maar het herstel kan, zodra de grootste gezondheidsrisico’s voldoende zijn geweken, beginnen.

Groei: een herstel op twee manieren

Ons basisscenario is dat de ingrijpende beperkingen in de Verenigde Staten, Europa en Azië tegen de zomer worden teruggedraaid. De economische activiteiten zullen geleidelijk worden hervat. Hierdoor zullen sommige segmenten van de economie sneller herstellen dan andere. Het herstel zal niet ‘V-vormig’ of ‘U-vormig’ zijn, maar een beetje van beide.

Een V-vormig herstel gaat uit van een zeer snelle inzinking van de economie, gevolgd door een even snel en krachtig economisch herstel. Technisch gezien komen we uit de recessie zodra het BBP weer groeit na zijn dieptepunt en de werkloosheid begint af te nemen.

Een U-vorm betekent dat het herstel twee jaar duurt omdat de pandemie zowel de aanbodzijde (door de inperkingsmaatregelen) als de vraagzijde (consumenten zullen waarschijnlijk niet snel uit eten gaan, reizen of grote evenementen bijwonen) hard heeft geraakt. De kans is zeer klein dat de arbeidsmarkt tegen 2023 weer even krap is als vóór de uitbraak van het coronavirus.

Wat er verder voor nodig is

Gedurfde, snelle en efficiënte beleidsmaatregelen helpen om langdurige economische littekens zoals faillissementen en langdurige werkloosheid te beperken. Wereldwijd zijn de afgelopen twee maanden dan ook honderden maatregelen genomen, zowel op monetair gebied (door de aankoop van effecten om de markten liquide te houden en te laten functioneren) als op begrotingsgebied (door middel van contante betalingen om individuen en bedrijven overeind te houden).

Al die beleidsinspanningen tot nu toe lopen in de duizenden miljarden dollars. Die ’what ever it takes’ aanpak past bij het ongekende karakter van de schok. En de markten hebben gereageerd. Financiële indicatoren hebben zich veel sneller gestabiliseerd dan tijdens de financiële crisis van 2008-2009, wat getuigt van de diepte, de breedte en de snelheid van de beleidsreacties. Op langere termijn zullen deze inspanningen ongetwijfeld wel gevolgen hebben. De centrale banken zullen hun uitgebreide balansen weer moeten verkleinen, en de politieke leiders zullen de grotere begrotingstekorten moeten aanpakken.

Voordat er sprake is van herstel moet de economie weer op grote schaal zijn hervat – dat zal tegen het einde van het tweede kwartaal grotendeels zijn gebeurd, schatten we in. Maar als het tot een tweede golf van het virus of een mutatie ervan zou komen, moet de economie opnieuw worden stilgelegd. Dan worden de vooruitzichten op het herstel veel minder rooskleurig. Als economen kunnen we dat niet voorspellen, we kunnen het enkel kwalificeren als een ‘risico’.

Maar een risico – de kans dat er iets anders dan onze basisvisie gebeurt – kan ook positief uitdraaien. Het vaccin tegen covid-19 kan er bijvoorbeeld eerder zijn dan verwacht. In dat geval zal de economie zich sneller herstellen en consumenten zullen weer sneller uit eten willen gaan of grote evenementen bijwonen.

Zelfs als het herstel sneller optreedt dan verwacht, blijft de ‘Grote Val’ een enorme impact hebben op onze economie. De pandemie heeft enkele trends versneld die al aan de gang waren, zoals telewerken. De samenleving en het consumentengedrag zijn veranderd. Dat blijft iets om over na te denken.